PROTESTANTSE GEMEENTEN

 GRAFT-DE RIJP en OOST-EN WESTGRAFTDIJK

 

KERKBLAD

HET KONTAKT
 

TER OVERWEGING

 

  

Het mysterie is hoe het komt dat zij (de mensen) zulke brokken leem zijn geworden. In welke verschrikkelijke vorm zijn zij gelegd, die hen gestempeld heeft als een stempelmachine?

Alleen de geest kan de Mens scheppen, als zijn adem over het leem gaat.

            (Antoine de Saint-Exupéry, Aardrijk, hoofdstuk 9 De mensen)

 Het laatste hoofdstuk van het boek Aardrijk (1939) van de schrijver Antoine de Saint-Exupéry heeft als titel: De mensen.  Aan het eind van dit hoofdstuk ziet de hoofdpersoon ’s nachts in een trein een groep mensen. Ze slapen zittend en liggend tegen elkaar. Het zijn duidelijk mensen die hun leven hard gewerkt hebben. Hun armoede, vuil en vermoeidheid treft hem. Het is niet hun ellende die hem raakt, maar hij ziet wat er in hen verloren is geraakt. Ze zijn geworden ‘tot leem’. In een ander boek spreekt de schrijver over ‘mensen die ertoe beperkt worden slechts een klomp vlees te zijn’. Daarmee bedoelt hij dat hun leven niet meer inhoudt dan dat ze op hun spullen passen. Dat ze niet meer weten waarvoor ze leven en niet verder kijken dan zichzelf. ‘Die mens is tevreden met zijn vrijheid, die niet meer is dan vrijheid van het niet meer bestaan.’ 

In de trein ziet hij een kind tussen als die mensen. De schoonheid treft hem: dit is een kleine Mozart. Daarmee bedoelt hij dat in ieder kind talenten schuil gaan. ‘Mozart’ klinkt als een toptalent , maar het kan alles zijn: dat gene wat je goed kan met je handen en/of je hoofd. Iedereen kan een Mozart zijn.

De ‘ik’ in het boek ziet wat dit kind in zich heeft en tegelijk hoe weinig er van dit kind zal worden. ‘Deze Mozart zal net als andere kinderen door de stempelmachine  worden gestempeld’. Het is een triest beeld van vlak voor de tweede wereldoorlog.

 Er zijn tegenwoordig in Europa meer kansen en mogelijkheden om je zelf te ontwikkelen.

Maar ook nu, ondanks alle vrijheid, kan je druk voelen (‘gestempeld worden’). Bijvoorbeeld in familie, op het werk, of door onze samenleving. Zelfs succesvol zijn kan je als druk ervaren. We móeten tegenwoordig succes hebben.

Je zou kunnen zeggen: we bestaan allemaal uit leem, in die zin dat we worden gevormd door wat er vóór ons was en door de omgeving. De vraag is hoe we ons ontwikkelen. Worden we mensen die alleen aan zichzelf denken (‘klomp vlees’)? Of bepaalt de omgeving ons volledig (‘gestempeld door de stempelmachine’)?

Voor A. de St-Exupéry streeft naar het realiseren van de Mens. De Mens is in en boven ieder aanwezig als ideaal dat tot uitdrukking moet worden gebracht. Mens worden betekent vrij zijn én deel uitmaken van de wereld.. Het betekent ontwikkelen wie je bent én als zodanig bijdragen aan de samenleving De mens is nooit een mens op zichzelf.

Van leem word je mens door de geest. ‘Alleen de geest kan de Mens scheppen als zijn adem over het leem gaat.’  Elders spreekt A. de St-Exupéry over ‘vurigheid’ die ons aanwakkert en doet leven. Als mens kunnen we stranden en in ons leven vastlopen. Geest, adem, vurigheid zijn woorden die aangeven wat ons in beweging brengt.

Het zijn de kernwoorden uit het Pinksterverhaal waarin de Geest van God mensen elkaar doet verstaan en hen opwekt om te leven voor het ideaal van liefde en vrede. Zo worden we Mens.

 ds Menso Rappoldt

 

  Bijgewerkt donderdag 17 mei 2012 11:40

Ds. P.M. Rappoldt